Tallinn, beleef en proef de middeleeuwen

De Middeleeuwse Hanzestad Tallinn viert dit jaar haar 800-jarige bestaan en dat laten de Esten niet zomaar voorbij gaan. Het officiële begin van Tallinn stamt uit 1219 toen de Denen de heuvel Toompea (nu de oude bovenstad) veroverden en daar een burcht stichtten. Tallinn beschouwt dat historische feit als het officiële geboortejaar van de stad en besteedt hier dan ook volop aandacht aan. Zo is er een speciale tentoonstelling ‘Tallinn 800’ in het stadsmuseum maar ook elders in de binnenstad word je herinnerd aan het ontstaan van de stad. En dat in een decor van een grotendeels intact gebleven middeleeuwse binnenstad waarbij tachtig procent van de oorspronkelijke stadsmuren nog fier overeind staat. Niet voor niets staat de binnenstad van Tallinn op de Werelderfgoedlijst van Unesco. Ik bezocht de speciale expositie en speurde verder naar het verleden in deze boeiende stad.  

Op het eerste het beste terras waar ik in Tallinn neerstrijk om wat te eten, raak ik in gesprek met Mika, een Fin die samen met een vriend vanuit Helsinki een dagje naar Tallinn is gekomen om inkopen te doen, maar ook om te profiteren van de (zeker voor Finnen) gunstig geprijsde horeca. Hij vertelt me dat de band tussen de Finnen en Esten al heel lang nauw is, zelfs toen Estland nog deel uitmaakte van de Sovjet-Unie. De veerdienst tussen Helsinki en Tallinn, die elke dag twaalf keer heen en weer vaart, is daar een voorbeeld van. Hoewel gezegd moet worden dat het vooral Finnen zijn die gebruik maken van de veerboot. De interesse die de Finnen nu hebben voor Estland, hadden de Denen 800 jaar geleden. Zij legden met het bouwen van een burcht de kiem voor wat later een bloeiende stad zou worden.

Baltische zaak
Ik begin de ontdekkingstocht naar het verleden in het stadsmuseum van Tallinn aan de Vene in hartje centrum. In de speciale tentoonstelling ‘Tallinn 800’, die ook nog in 2020 te zien is, wordt terug gegaan naar het begin van de 13e eeuw. De paus vindt het tijd worden dat de heidense volken in het noordoosten van Europa tot het christendom worden bekeerd en geeft opdracht tot een kruistocht. Duitse ridders geven hier gehoor aan en trekken vanuit Riga het Estse gebied binnen. De Denen zien de groeiende Duitse invloed met lede ogen aan en besluiten zich te mengen in de ‘Baltische zaak’. Met een grote vloot maken ze de oversteek en settelen zich vervolgens op de strategische heuvel Toompea oftewel de Domberg, het hooggelegen oudste gedeelte van de binnenstad. Tallinn is geboren en betekent letterlijk ‘stad van de Denen’ (Taani=Denen en Linn=stad).
Bij de expositie in het stadsmuseum is de komst van de Deense koning Valdemar II prachtig uitgebeeld. Tallinn is tot dan toe slechts een kleine houten nederzetting, maar wordt in de jaren daarna uitgebouwd tot een vestingstad van formaat. Terwijl het grondgebied van Estland in handen is van de Duitse ridders, blijft Tallinn een Deense stad. Dat blijft zo tot 1346, wanneer de stad uiteindelijk verkocht wordt aan de ridders van de Duitse orde. In de eeuwen daarna zijn Tallinn en Estland bezet geweest door vreemde mogendheden zoals de Duitsers, Zweden, Tsaristische Russen en Sovjets, maar de Deense wortels zijn nog altijd in de stad te vinden.

De Deense connectie
Zoals bijvoorbeeld bij de ‘Danish King’s Garden’, een overblijfsel van de Deense beginperiode. De naam van deze locatie is veelbetekenend en logisch gekozen. Dit park eert de Denen als grondleggers van Tallinn. De plek is echter niet willekeurig gekozen en dat heeft te maken met een legende. Het zou hier namelijk zijn geweest dat koning Valdemar II wanhopig naar de hemel keek omdat hij aan de verliezende hand was in de strijd tegen de Esten in 1219. De koning keerde zich tot de hemel en vroeg om goddelijke hulp. Plotseling ging de hemel open en viel er iets naar beneden. Wat het precies is geweest is niet duidelijk, maar er viel volgens overlevering een wit kruis op een rode achtergrond naar beneden. De Denen zagen dit als een teken en kregen weer hoop. Het tij keerde en ze versloegen de Esten. Het symbool op dat stuk materiaal is ook de nationale vlag van Denemarken geworden, de ‘Dannebrog’.
In de tuin, prachtig gelegen met aan de ene kant de imposante stadsmuur en aan de andere kant uitzicht op de stad, staat een gedenkteken met de Deense vlag ter herinnering aan deze speciale gebeurtenis. Elk jaar op 15 juni wordt hier ook de Deens nationale feestdag gevierd. De vlag die speciaal voor 800 jaar Tallinn is gemaakt, heeft logischerwijs de keuren rood en wit en onderstreept daarmee nog eens de speciale band met Denemarken. 

Wandelen over de stadmuur
Er is echter nog veel meer middeleeuws erfgoed te vinden in Tallinn. Na de bouw van de burcht breidt de stad zich namelijk snel uit. Tallinn treedt op een gegeven moment toe tot het machtige Hanzeverbond en wordt een belangrijke handelsstad in Europa, in die tijd nog steeds onder Deens bestuur. Als Tallinn uiteindelijk toch Duits wordt, wordt de naam van de stad omgedoopt tot Reval. Het gaat Reval in de middeleeuwen lange tijd economisch voor de wind. Er wordt handel gedreven met Hanzesteden van formaat, waaronder Londen, Brugge, Lübeck en Danzig. Dit is de grote bloeiperiode van de stad en de indrukwekkende vestingmuren stammen dan ook uit die tijd.

Van die oorspronkelijke stadsmuur van 2,4 kilometer staat gelukkignog 1,9 kilometer trots overeind. Daarnaast zijn ook de helft van de markante stadsmuurtorens intact gebleven. Ter vergelijking: in San Gimignano in Toscane dat er beroemd om is geworden, staan nog 14 middeleeuwse torens, in Tallinn maar liefst 26.

Op sommige plekken kun je die befaamde stadsmuur ook op, bijvoorbeeld aan de Suur Kloosteri. Daar kun je voor twee euro een toren in om vervolgens over de originele stadsmuur te lopen naar de volgende toren. Op de stadsmuur zie je pas goed hoe omvangrijk de verdedigingswerken van Tallinn zijn, maar heb je ook een mooi uitzicht op de oude binnenstad met haar torenpieken, middeleeuwse huizen en straten met kinderkopjes.   

Vooral het middeleeuws erfgoed dat dus nog overal aanwezig is, maakt deze stad zo bijzonder. Je kunt heerlijk dwalen door een binnenstad vol met tastbaar bewijs van haar rijke geschiedenis.

Middeleeuws eten en drinken
Niet alleen op de stadsmuur, maar ook in de straten van het oude Tallinn zie en voel je de middeleeuwen. Je kunt de middeleeuwen ook letterlijk proeven. Ik zit na de stadswandeling met Hans en Rosa uit Zwitserland in de middeleeuwse herberg ‘III Draakon’ onder het stadhuis, bier uit een stenen kruik te drinken. De tijd heeft hier minstens 700 jaar stil gestaan. Het middeleeuwse restaurant word geheel in stijl verlicht met kaarsen maar ook het menu is in middeleeuwse sferen. Je kunt bijvoorbeeld kiezen uit licht of donker bier, de middeleeuwse voorloper van de sparerib, worst of soep. Een betere belevenis van de middeleeuwen kun je niet krijgen. Ook de waardin van ‘III Draakon’, geheel in stijl gekleed, speelt haar rol trouwens met verve. Ze straalt in alles uit dat zij alleen de baas is in deze herberg, inclusief de spreekwoordelijke deegroller in haar hand. Iedereen zet dan ook zonder te protesteren zijn of haar lege bordje en bierkruik netjes in de afwasteil.
Andere leuke plekken om middeleeuws te gaan eten zijn de restaurants ‘Olde Hansa’ en ‘Peppersack’. Ook daar vind je serveersters in middeleeuwse kledij en staan gerechten uit de Hanzetijd op het menu.

Stadsomroeper
Met de middeleeuwse maaltijd achter de kiezen stap ik even later de herberg uit  en loop tegen een gids aan die als een soort stadsomroeper met een klein groepje over het stadhuisplein loopt. Wijd gebarend prijst hij de eeuwenoude gebouwen op het plein aan. Zijn toehoorders hangen aan zijn lippen. Ik betrap me erop dat ik het al heel normaal vind dat de beste man middeleeuwse kleren draagt. Het past gewoon perfect bij deze stad. Na jaren van narigheid met twee wereldoorlogen en daarna het juk van het communisme, heeft Tallinn zich alweer een tijdje hervonden.  Het verleden dat haar zoveel roem en rijkdom heeft bezorgd, is nu een unieke attractie. Het maakt de stad, ook na 800 jaar, springlevend.

Praktische informatie

Bereikbaarheid en vervoer ter plekke
Naar Tallin kan worden gevlogen met Air Baltic vanaf Schiphol en met Ryanair vanaf Dusseldorf Weeze. De luchthaven van Tallinn ligt tegen de binnenstad aan en voor 2 euro reis je in 15 minuten met de tram naar centrum. Een kaartje is ook in de tram te koop.

Het is het overwegen waard een Tallin Card aan te schaffen. Hiermee kan je onbeperkt met het openbaar vervoer in de stad reizen en bovendien heb je dan ook gratis toegang tot zo’n 40 bezienswaardigheden en musea. De prijs hangt af van het aantal dagen. Voor 1 dag kost de kaart 26 euro, voor 2 dagen 39 euro en voor 3 dagen 47 euro.
Zie voor mee info: www.visittallinn.ee/eng/tallinncard

Eten en drinken
Rondom het oude stadhuisplein heb je een grote keus aan restaurants en leuke cafés. Van middeleeuws, westers tot de Aziatische keuken.
Aan de rand van de binnenstad vind je restaurant ´Leib´. Het ligt een beetje achteraf, maar is een bezoek meer dan waard. Bij mooi weer kan in de ommuurde tuin worden gegeten. Het restaurant serveert alleen lokaal geproduceerde producten en deze worden met zorg bereid. Daarnaast is het restaurant met recht trots op haar indrukwekkende wijnkaart met een keuze uit meer dan 100 wijnen.
Zie voor meer info: www.leibresto.ee

Musea
Het stadsmuseum gaat specifiek over de geschiedenis van Tallinn en besteedt  speciale aandacht aan 800 jaar Tallinn. De expositie in het stadsmuseum loopt nog tot mei 2021. Ook in het museum ‘Kiek in de Kok’ is een speciale expositie over 800 jaar Tallinn. De expositie hier loopt nog tot mei 2020.
Informatie over beide musea is te vinden op www.linnamuuseum.ee/en